Wat hoop je dat lezers meenemen uit dit verhaal?
Ik heb niet echt een eenduidige boodschap, omdat ik zelf altijd aan ieder gegeven zoveel kanten zie. Het boek is dan ook geschreven vanuit allerlei verschillende hoofden. Misschien is dat het dus wel: iedereen heeft zijn eigen verhaal, eigen motieven, eigen pijn. Dat besef maakt het hopelijk minder makkelijk om te denken dat jouw mening altijd de juiste is en om die van anderen te veroordelen.
Welke thema's wilde je met je boek aankaarten?
Het gaat over familie, over ouders en kinderen, mannen en vrouwen, over de dood, over opgroeien, dapper zijn, en over je eigen kompas durven volgen.
Hoe kies je de toon en stijl van je verhaal?
Toon en stijl ontstaan eigenlijk vanzelf als ik ga schrijven. Ik hou van een manier van vertellen die wat ouderwets aandoet misschien: geschreven in de derde persoon en met een alwetende verteller. Op die manier kan ik gemakkelijk van hoofd naar hoofd gaan, om de beurt vanuit al mijn personages schrijven en hen dicht op de huid zitten. Het is een stijl die lijkt op de verhalen die ik vroeger als kind het liefste las.
Welke boeken of auteurs hebben jou beïnvloed bij het schrijven van dit werk?
Mijn lievelingsschrijvers van vroeger: Paul Biegel (‘De tuinen van Dorr’), Tonke Dragt (‘De brief voor de koning’), Astrid Lindgren (‘De gebroeder Leeuwenhart’), Erich Kästner (‘Dubbele Lotje’) en vooral ook Wim Hofman (‘Zwart als inkt is het verhaal van Sneeuwwitje en de zeven dwergen’). Zij klinken mee als ik schrijf. Maar ik spiegel me ook aan ook modernere schrijvers die niet per se voor kinderen werken, die verhalen schrijven waar fantasie en werkelijkheid elkaar ontmoeten, en die vooral uitblinken in prachtige scènes en mooie dialogen, zoals Renate Dorrestein, George Saunders, Anjet Daanje en nog vele anderen.
Zijn er persoonlijke ervaringen die in het boek zijn geslopen?
Omdat ik altijd begin te schrijven vanuit mijn dagboeken zijn allerlei persoonlijke ervaringen bijna altijd de basis voor mijn verhalen. Soms letterlijk (mijn lastige vader, mijn gestorven zusje), maar vaak wordt een eigen ervaring iets heel anders in het verhaal. Bijvoorbeeld het hebben van een jong kind dat lastig of bang is en waar je als moeder voor moet zorgen, ook als dat niet zo uitkomt. Dat komt terug in het verhaal van Eliza en haar kleine broertje. Mijn jolige ooms werden Eliza’s broers, een stramme oudtante zit in juffrouw Amalia, en mijn christelijke opvoeding heeft de stem van Jezus opgeleverd.
Gebruik je muziek, beeld of andere kunstvormen als inspiratie?
Ik maak altijd een sfeervolle playlist waar ik naar luister als ik schrijf en wandel en nadenk. De muur van mijn atelier komt tijdens het schrijfproces vol passende uitgeknipte of zelfgetekende plaatjes te hangen, die iets zeggen over de sfeer of de personages.
Zijn er passages die volgens jou in het bijzonder voor jongeren interessant zijn?
Ik hoop dat ze zich kunnen laten meenemen in een verhaal over kinderen die veel kleiner en volwassenen die een stuk ouder zijn. Maar ik denk dat de verhalen over opgroeien en je eigen kompas leren te volgen voor ieder mens betekenins kunnen hebben.
Is er nog iets anders dat je graag vertelt?
Ik ben pas laat in mijn leven gaan schrijven: heel lang durfde en kon ik de verhalen niet naar buiten laten komen. Omdat ik dacht dat ze niet goed genoeg waren, en vooral ook te raar, te eigen. Niemand behalve ik vindt dat leuk … Dat mijn boeken zoveel weerklank hebben gevonden in de afgelopen jaren heeft me erg gelukkig gemaakt, en spoort me aan om verder te schrijven, op deze persoonlijke, dichtbije manier.